Google Analytics Alternative Column Arie Cupé: JOSEPHUS GERARDUS BRINK

In 1982 debuteerde Arie Cupé in het liedjesprogramma 'Van Oklahoma tot Anatevka' en sindsdien heeft hij in vele voorstellingen acte de préséance gegeven. De meeste recente voorstellingen waar Arie Cupé in te zien was waren “De Jantjes” en “Harrie let op de kleintjes” In de columns die Arie Cupé maandelijks voor ons zal schrijven, neemt hij je mee naar zijn rijke en persoonlijke theaterverleden.

Jos Brink. Het is alweer zo’n tijd geleden dat hij overleed, 17 augustus 2007! Ik was aan het repeteren voor de musicalversie van DE FABELTJESKRANT. Een paar weken nadat we überhaupt wisten dat Jos ziek was, ging hij ineens hemelen. Het was een immense schok.

Ik sprak Jos voor het eerst op 26 augustus 1978. Ik weet dat zo precies omdat ik daar nog een opname van heb. Het betrof een telefonisch interview voor het showblaadje dat ik voor de andere kinderen in de buurt had. Samen met mijn buurmeisje Ria. Het blad kreeg dus de naam ‘Aria’s showkrant’. Ik belde Jos gewoon op en mocht hem meteen interviewen. Ik kon toen niet weten dat wij ooit heel vaak en intensief met elkaar zouden gaan samenwerken.

josbrink3

In 1985 begonnen we daarmee: De musical MADAME ARTHUR. Gevolgd door de musicals MAX HAVELAAR, REVUE REVUE, ZZINDERELLA en het blijspel SASSAFRAS. Alles bij elkaar meer dan duizend voorstellingen. Tussen de producties door werkte ik natuurlijk ook voor andere producenten, maar Jos vroeg me dus vaak weer terug. Want Jos en zijn man Frank Sanders speelden niet alleen de hoofdrollen, ze produceerden hun theatershows zelf hè. Dus zij gingen ook over de casting.  En in die musicals was Lucie de Lange altijd de Leading Lady. En hoe! Met glans! Heerlijk! En als je zo lang met elkaar samenwerkt, maak je natuurlijk ook alles mee wat er in ieders dagelijks leven gebeurt. De dood van ouders, de dood van vrienden, kleine probleempjes, grote zorgen, ziek-zijn en toch spelen, angsten, kortom, je leert elkaar heel goed kennen. En ik durf te zeggen dat ik Jos heel goed kende.
We hebben door de jaren heen hele fijne, ernstige gesprekken gehad. Over van alles. Over theater. Maar ook over het leven. De Maatschappij. Vriendschap.

josbrink4

We waren op dezelfde dag geboren: 19 juni. Tweelingen dus. Er zat precies 20 jaar tussen: Jos werd in 1942 geboren, ik in 1962. Zoiets schept al meteen een band, natuurlijk.Toen wij de musical MADAME ARTHUR speelden beleefde Jos ook zo’n beetje zijn gróótste roem. De musical was een ongekend succes en met WEDDEN DAT op de televisie explodeerde alle kijkcijfers en kreeg hij natuurlijk de Televizier Ring. Héél Nederland was dol op Jos. Maar dat was natuurlijk niet helemaal waar. Niet één artiest heeft alleen maar fans, natuurlijk. Jos ook niet. Er waren mensen die hem te plastic en te onecht vonden. Dat begreep ik best een beetje, want die kant hád Jos ook. Vooral als ie onzeker was ging die la van zijn persoonlijkheid open. Ook daar hebben we wel eens over gesproken. Dat wist Jos zelf best. Maar hij kon dat niet veranderen. En waarom zou hij ook. Als dat nou het enige was! Toch?

Zijn vriendschap voor Martin en mij was in ieder geval zo écht als het maar kon! En als ik Jos ook zou moeten omschrijven, zou ik alleen maar willen en kunnen zeggen: Jos deugde. Als mens. En wat hébben we gelachen op het toneel. Écht gelachen. Dat mocht eigenlijk niet, maar hij was natuurlijk heel stout. Zéker als ie de zaal niet zo goed vond reageren. Dan riep ie allerlei dingen naar je hoofd, die het publiek tóch niet hoorde. Heel vreemd met een zendermicrofoontje op je kop. Je zou denken, dat hoort iederéén, maar nee. Dat kon Jos héél goed.

We moesten op tournee, in de bus, op de héénweg altijd heel stil zijn. Er moest rust heersen. Alleen een boekje lezen mocht. De walkman bestond natuurlijk al. Voor de jeugdigen onder ons: In een walkman wilden wij cassettebandjes afspelen, met een koptelefoon op je hoofd. Maar dat mocht ook niet. Al zat je áchterin de bus, Jos kon het vóórin tóch horen. Onzin natuurlijk, maar dit soort gektes had ie. Na de voorstelling, op de terugreis, mocht ineens álles. Hard praten, zingen, joelen en Jos deed daar zelf heel erg uitbundig aan mee. En nu denk ik wel eens, toen ik bij ‘m begon was ik 23 en hij dus 43 jaar! Vele jaartjes jonger dan ik nú ben! Dus waar dat ouwe-lullen-gedoe van de héénreis vandáán kwam, geen idee. Natuurlijk is het fijn voor de concentratie op de voorstelling dat je niet gillend door de bus gaat rennen, maar die rust die er moest heersen was wel héél extreem, hoor. Écht haha.

Jos Brink

Maar ik kan niet anders zeggen dat ik altijd met veel plezier gespeeld heb in zijn produkties, die Jos allemaal zelf ook schreef. Want dat deed ie natuurlijk óók nog. Ik had ook een groot respect voor hem. Een woord dat vandaag de dag héél vaak ten onrechte gebruikt wordt, maar voor Jos had ik het echt. Toen hij overleden was en thuis opgebaard lag heb ik een kwartiertje in mijn eentje bij hem gezeten. Zo onwerkelijk was dat. Het leek of hij sliep. Op een vreemde manier een heel dierbaar moment. De uitvaart op 23 augustus 2007 was natuurlijk een emotionele dag. Jos lag opgebaard in de hal van Carré. Met collega’s stond ik stond naast de kist, in een soort trance. De stem vanBarbra Streisand klonk door de ruimte en honderden mensen liepen langs om afscheid te nemen van Jos. Wat voel je dan goed wat hij voor veel mensen betekend heeft. Daarna de dienst in De Duif, aan de Prinsengracht. En toen hebben we Jos op de Nieuwe Ooster begraven. ’s Avonds hebben we in Carré het glas geheven op zijn leven. En wat werden we dronken.

Jos’ verjaardag was dus dezelfde als de mijne, en zijn uitvaart vond plaats op de verjaardag van mijn Martin. Een wonderlijk detail. Martin had ’s ochtends al gezegd: ‘Tegen niemand zeggen, hoor, dat ik jarig ben. Dat is zo gek vandaag. We hebben wel wat anders aan ons hoofd’. Natuurlijk gingen we dat niet zeggen. Maar ’s avonds in Carré, ging de alcohol het toch winnen van de rede. We hadden die dag gehuild, gemijmerd, nu in Carré weer gehuild maar tevens werd de sfeer ook ineens wat meer ontspannen. We lachten zelfs om gekke herinneringen aan Jos. En ineens hoorde ik mijn lichtelijk aangeschoten Martin toch tegen iemand zeggen: ‘Ik ben jarig’. En hij ontving een kus. Ik zag hem doorlopen naar een volgende vriend en luisterde af: ‘Ja, wat een dag hè. Verschrikkelijk dat Jos er niet meer is. Ik ben jarig’. Weer een kus. Dat verliep allemaal heel rustig en kalm.

Toen ik Martin eindelijk weer bij me had, zei ik tegen hem: ‘Ja hoor schat, jij bent jarig. Gefeliciteerd! Ook van Jos’.
En wat zóu Jos van dit tafereeltje genóten hebben.
Dat weet ik zéker.

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. To find out more about the cookies we use and how to delete them, see our privacy policy.

  I accept cookies from this site.
EU Cookie Directive Module Information