In 1982 debuteerde Arie Cupé in het liedjesprogramma 'Van Oklahoma tot Anatevka' en sindsdien heeft hij in vele voorstellingen acte de préséance gegeven. De meeste recente voorstellingen waar Arie Cupé in te zien was waren “De Jantjes” en “Harrie let op de kleintjes” In de columns die Arie Cupé maandelijks voor ons zal schrijven, neemt hij je mee naar zijn rijke en persoonlijke theaterverleden.

Vijftigers (en ouder) denken bij deze kreet metéén aan Mies Bouwman. Want dat was natuurlijk haar beroemde uitroep bij het laatste onderdeel ‘De Stoel’, in haar geprezen programma uit de zeventiger jaren: EÉN VAN DE ACHT. Máár ik leerde Mies al veel eerder kennen, bij de Sinterklaasintocht op de televisie. Want toen zij dat deed was ík de doelgroep. Vol verwachting zat ik voor de buis en haalde zo, via Mies, Sinterklaas binnen. Ook toen ik niet meer in Sinterklaas geloofde, ik was al op mijn zesde afgehaakt omdat ik de Sinterklaas die ik in Amsterdam zag aankomen voor geen meter vond lijken op de Sinterklaas van Mies. Maar dat gaf niet. Hij bestond dus niet. Het was een sprookje. Theater!

Mies Bouman

Wij woonden boven het café van mijn ouders. En dus liep ik een jaar later in 1969 op zevenjarige leeftijd naar onze zolder en zat daar roodfluwelen ‘reserve-gordijnen voor ons kroeg’ te verknippen tot een mantel. Voor het omzomen gebruikte ik de nietmachine van m’n vader. De mijter knipte ik van rood karton. Leende ongevraagd een witte onderjurk van mijn zusje. Een bezem werd m’n staf. Het potje witte plaksel was heel geschikt om mijn gezicht vol te smeren om vervolgens lange stukken watten te bevestigen aan mijn wangen en kin. In een eenzame zolderspiegel zag ik dat het een prachtige witte baard geworden was. Zó liep ik alle trappen naar beneden, de straat op en door de voordeur het café binnen. Tadá! Een groot succes. ‘Ach, wat een leuk klein Sinterklaassie!’, riepen de klanten. Ook mijn ouders vonden het leuk. Dacht ik. Jaren later zou mijn moeder me zeggen dat ze op dat moment dacht ‘nou, dat is minstens een meier fluweel, wat m’n kind om heeft’. Maar mijn moeder had humor. En die won het van deze gedachte.

Een jaar later begon Mies Bouwman met haar EEN VAN DE ACHT. Eens in de maand op zaterdagavond een kwis met spelletjes, artiesten, de stoel met de laatste twee kandidaten en dan de winnaar achter de lopende band met alle prijzen. Ik mocht altijd op blijven om het hele programma te zien. Hoefde de volgende dag toch niet naar school. Ik was helemaal gek van het programma. Dat orkest van Tony Nolte, de spanning, het amusement en natuurlijk Mies! Ik werd al helemaal opgewonden bij de openingstune. Jaaaaaaren later besefte ik pas dat die melodie ‘People’ uit ‘Funny Girl’ was, maar dan op z’n Tony Noltes. 

Mies Bouman Sinterklaas

Ik ging EEN VAN DE ACHT naspelen. Ik was een nakomertje, maar kon mezelf altijd prima vermaken, in m’n eentje. Ik gebruikte Mens-Erger-Je-Niet-pionnetjes als acht kandidaten en een dobbelsteen om uiteindelijk één pionnetje over te houden als winnaar voor achter de lopende band. Ik had een stuk karton gemaakt en daarop het logo van EEN VAN DE ACHT getekend, want dat had op een kleurenfoto in de VARA-gids gestaan. Ik had er een stukje uitgeknipt waarachter ‘de winnaar’ geplaatst werd. Maar hoe moest ik die lopende band naspelen? En toen zag ik in de speelgoedwinkel een zandkiepauto. Mét een lopende band! Ik zeurde om dat vrachtwagentje en kreeg ‘m uiteindelijk ook. Had niet gezegd waarvóór. Ik zal de blikken van mijn ouders nooit vergeten toen ik thuis de lopende band van mijn speelgoedautootje – knáts – in één ferme ruk afbrak. Verbijstering. ‘Wat doe je nou???’ ‘Zal ik jullie straks laten zien’. Verdween uit beeld.

Ik pakje wat poppenhuisspulletjes, een strijkboutje, een schemerlampje, een paar schoentjes. Allemaal miniatuur-dingetjes. Van een luciferdoosje maakte ik een ‘vraagteken-doosje’. Met Velpon plakte ik dat allemaal aan de kleine lopende band vast. Bevestigde het aan de achterkant van het karton en toen was het klaar. Ik draaide aan een klein wieltje en de ‘prijzen’ kwamen één voor één voorbij. Mijn ouders vonden het prachtig. Waren het vandalisme van hun jongste zoon meteen vergeten, ‘wat een goed idee, schat!’

Mies Bouman In de Hoofdrol

Ik groeide op. Mies presenteerde vrolijk door: EEN MENS WIL OP DE VRIJDAGAVOND WEL EENS EVEN ZITTEN EN EEN BEETJE LACHEN WANT ER IS AL GENOEG ELLENDE OP DE WERELD (een titel die er nu nóóit meer dóór zou komen bij de tv!), NETWERK en toen kwam eind jaren ’70: TELEBINGO. Ik was toen 17 jaar. Nog steeds knipte en plakte ik graag. Wonderlijk maar waar. Toen ik tegen m’n vader zei ‘ik zou Mies zo graag ontmoeten, gewoon om es met haar te praten’, antwoordde hij: ‘Maak dan wat voor d’r en ga het geven. Je komt niet zómaar bij Mies’. Ik maakte een maquette van het decor van TELEBINGO en mocht het haar komen brengen in Theater De Flint in Amersfoort. Zo aardig van Mies om op zo’n moment een jongetje te laten komen, ze had wel wat anders aan haar hoofd op een uitzenddag! Maar nee, ze nam de tijd en was geïnteresseerd in al mijn grote plannen richting Kleinkunst. Later, toen ik eenmaal in het vak zat, hebben we elkaar bij allerlei gelegenheden ontmoet. Bij premières bijvoorbeeld. En ik mocht in 1985 door ‘de deur’ komen toen Georgette Hagedoorn bij Mies IN DE HOOFDROL zat.

Toen Henk van der Meyden in 2002 afscheid nam als schrijvend persoon, was er ter ere hem een groot feest in het Scheveningse Circustheater. Na een voorstelling in de grote zaal werd er in alle hoeken en gaten van het theater gezongen, gedanst en opgetreden. Op een bepaald moment zocht ik de Bailey’s op in een donkere foyer, beetje belicht als een ouwe nachtclub. En ik ging daar even zitten bijkomen van al het vrolijke geweld. Mies en haar man, Leen Timp, kwamen op een gegeven moment ook binnen en bij mij aan het tafeltje zitten. En toen hebben wij met z’n drietjes zeker een half uur over televisie gepraat. Gelachen. De verschillen besproken over televisie toen en nu. Echt een geweldig gesprek. En ik beleefde het heel bewust als een bijzonder moment. Over televisie praten met de twee mensen die geschiedenis hadden geschreven, als presentatrice en als regisseur. Ze zijn er allebei niet meer. Maar we zullen ze nooit vergeten. En Mies was natuurlijk voor het publiek meer op de voorgrond. Ik ben er ook van overtuigd dat zij onuitwisbaar in ons collectieve geheugen zit.

En ikzelf betrap me er vaak op dat ik heel dikwijls, bij een première ofzo, vijf minuten voor aanvang zeg: ‘Licht uit, spot aan!’ Dag Mies en bedankt!

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. To find out more about the cookies we use and how to delete them, see our privacy policy.

  I accept cookies from this site.
EU Cookie Directive Module Information