Column Arie Cupé: DAT IS HET EINDE, DAT DOET DE DEUR DICHT

Column Arie Cupé: DAT IS HET EINDE, DAT DOET DE DEUR DICHT

We mógen weer! Fijn spelen! De spelers gaan weer langs de theaters om op te treden en het publiek mag weer komen kijken! Eindelijk! Hèhè!

Elke theaterproductie heeft uiteraard een zekere speeltijd. Soms een seizoen, soms twee seizoenen, soms een open einde tot er geen publiek meer komt, enfin allerlei mogelijkheden. Ikzelf heb altijd in voorstellingen gestaan ‘voor een bepaalde tijd’. Dat wil dus zeggen dat er in het contract de datum staat wanneer de repetities beginnen en wanneer de laatste voorstelling gespeeld zal worden. Vaak zit er dan nog een afspraak bij dat je je nog voor een bepaald aantal weken beschikbaar moet houden voor het geval dat er ná de laatste voorstelling tóch speeldata worden vastgeplakt, omdat het zo’n succes blijkt te zijn.

Vroeger heb ik bij het gezelschap van Jos Brink en Frank Sanders vaak in musicals gezeten waarvan het al duidelijk was dat het sowieso twee seizoenen ging draaien. Dan zat je dus meteen voor twee seizoenen onder de pannen, zal ik maar zeggen.
Dat komt volgens mij tegenwoordig helemaal niet meer voor. Dat was ‘ooit’. Ik heb altijd voor Vrije Producenten gewerkt, dus dat risico is gewoon te groot geworden. Maar goed of je nou één of twéé seizoenen aan een musical of toneelstuk werkt, de laatste voorstelling kómt een keer. En daarná is er vaak een feestje. Bij kleine producties is dat vaak een etentje, bij grote musicals wil het wel eens ontaarden in een groot feest. Allebei leuk. Héél soms gebeurt er niks, dan is de reeks voorstellingen afgelopen en kláár. Maar dat heb ik nog nooit meegemaakt.

Dit is het einde 02

Het eerste gróte eindfeest dat ik meemaakte was bij de musical ‘Madame Arthur’ geschreven door Jos Brink, Frank Sanders en Henk Bokkinga, gespeeld in seizoen ‘85/’86 en ‘86/’87. Dat was een hele gelukkig periode voor Jos. ‘Madame Arthur’ was een strálend succes en zijn tv-programma ‘Wedden dat’ scoorde huizenhoog. Joop van de Ende had het programma van de Duitse tv gekocht en Jos maakte er in Nederland dus een groot succes van. Hij kreeg er De Gouden Televizier-Ring 1986 voor. De uitreiking vond plaats in het Amsterdamse Okura Hotel. We waren er bij. Martine Bijl reikte de ring met veel humor aan Jos uit. In die tijd ging Jos dus huppelend door het leven. Artistiek en in zijn persoonlijk leven ging alles voor de wind.

Toen onze musical afgelopen was, werd er in het oude Lido in Amsterdam een groot eindfeest georganiseerd. Ik meen dat Joop daar ook nog iets mee te maken had, vanwege het grote televisiesucces. Het kón niet op. Er was een Big Band, dranken, spijzen, optredens, gedans, kortom; het was een feestelijke avond en een beetje melancholisch omdat we allemaal met zoveel plezier in ‘Madame Arthur’ hadden gespeeld en erg van de show hadden gehouden.

Een paar seizoenen later, ‘91/’92 en ‘92/’93, speelde ik bij Jos en Frank de musical ‘Revue Revue’ en na de reeks hadden we het eindfeest in Theaterrestaurant Iboya in de Korte Leidsedwarsstraat in Amsterdam, dat gedreven werd door de ouders van Heddy Lester. Dat werd ook een geweldig feest met alles erop en eraan.

dit is het einde 03

Járen later speelde ik met Heddy in de musical ‘Alleen op de wereld’ met liedjes van Ivo de Wijs en Frank Affolter, Heddy’s broer. Frank was ook de producent. Iboya bestond niet meer dus wij vierden het eindfeest in zijn eigen repetitieruimte. Op die avond deed ik een optreden als Claudette Ball, mijn alter ego. Ik had Heddy gevraagd of ik voor de gelegenheid haar jurk aan mocht, die zij gedragen had op het Eurovisie Songfestival. Dat mocht. Onder mijn rooie Claudette-pruik had ik weer een ándere pruik. Een kort donker pruikje. Dus toen de show afgelopen was liep ik af, rukte mijn rooie pruik van mijn kop en kwam terug om als Heddy zelf ‘De Mallemolen’ te doen. Ik geloof dat Ivo de Wijs bijna een tóeval van het lachen kreeg.

Bij de musical ‘Irma de Douce’ hadden we het feest metéén ná onze laatste voorstelling in Carré. Dat was in de Blauwe Foyer, zoals dat toen heette. IK deed ook daar een speciale ‘Claudette-Act’ en k zong daar, gewoon als Arie, een speciale tekst over de voorstelling op muziek van ‘Telkens Weer’. Het leuke was dat Ruud Bos bij de orkestleider was geweest dus hij begeleidde me aan de piano. En Ruud componeerde de muziek voor ‘Telkens Weer’, dus dat maakte het extra speciaal.

Zoals ik al vertelde beleef je het eindfeest van produkties soms ook met een etentje. Ook heel gezellig en leuk. Op één keer na. Met de musical ‘Zzinderella’, ook weer van Jos, Frank en Henk beleefden we iets heel naars. We speelden de musical wederom twee seizoenen, ‘95/’96 en ‘96/97. Toen we de laatste 10 voorstellingen nog moesten spelen bleek Frank Sanders ineens ernstig ziek te zijn. De voorstelling werd dus meteen gestopt. In de weken erná brak er dus een heel zenuwachtige tijd aan voor Frank, Jos en voor ons allemaal. Jos was ontzettend bang om Frank kwijt te raken. Computers gebruikten we toen nog niet, dus we belden elkaar om op de hoogte te blijven van alles wat er met Frank gebeurde. En om contact te zoeken met Jos en Frank was ook alweer zo pijnlijk omdat je dan niet weet of je op het goede moment belt. Gelukkig informeerde producent Peter Paul Tobi ons over alle ontwikkelingen. De vooruitzichten waren niet zo goed. Toch besloten Jos en Frank dat we bij elkaar moesten komen in restaurant Sluyzer in Amsterdam, bij wijze van afsluiting van ‘Zzinderella’. Het was helemaal voor ons afgehuurd, waardoor we geen ‘pottenkijkers’ hadden, want het nieuws van de ziekte van Frank was uiteraard allang in de pers gekomen. Ik kan niet eens goed omschrijven hoe die avond verlopen is.

Vanaf het moment dat we van kantoor hoorden dat we niet meer zouden spelen hadden we Jos en Frank dus nog niet gezien. Toch probeerden we allemaal om er een gezellige avond van te maken, maar dat lukte niet. Als iemand het woord nam, werd er meteen gesnikt. Zo goed als het kon zijn we bij elkaar geweest. Beetje verdoofd. Bang. En intens verdrietig. Goddank zou Frank de ziekte overwinnen. Maar ja, dat wisten we toen nog niet. En we zaten nog allemaal in een soort shock. Dat is dus een ‘eindfeest’ geweest, dat alle betrokkenen nooit zullen vergeten.

Gelukkig zijn het over het algemeen wél héle vrolijke avonden. Met anekdotes van de produktie, optredens met meestal liedjes over gebeurtenissen die we tijdens de tour meemaakten. Lachen om rare versprekingen die we hadden in scènes en liedjes. En aan het einde van de avond spreken we met elkaar af dat we elkaar natúúrlijk gewoon vaak zullen blijven zien. Dat lukt nooit. Bij de volgende produktie word je weer helemaal opgeslokt door repetities en optredens; je belt, je mailt, je appt en je ziet elkaar bij premières. Dat is niet lelijk bedoeld, dat gáát zo. En dat gaat gelukkig bij iedereen zo. Dus we begrijpen dat van elkaar. Aan het einde van elk eindfeest val je elkaar om de hals, de volgende dag herstel je van de alcohol, je hebt even vakantie en dan ga je weer repeteren voor iets nieuws. De foto’s van het eindfeest zitten in je plakboek. En dóór!

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. To find out more about the cookies we use and how to delete them, see our privacy policy.

  I accept cookies from this site.
EU Cookie Directive Module Information