Column Arie Cupé: TOT DE VOLGENDE KEER, DAG MONACO!

Het moge bekend zijn dat ik een geboren en getogen Amsterdammer ben. Ik hou ook veel van onze hoofdstad, met alle toestanden die zich in mijn stad afspelen dan ook. Ik kan ook als een toerist door Amsterdam lopen. Ik ben zeer gevoelig voor plekken waar iets gebeurd is. Als ik daar dan loop overvalt me altijd een gevoel van ‘dat was hier, hier op déze plek’ en dan is het net of ik iets vóel wat me verbindt met die bepaalde gebeurtenis.
Hetzelfde gevoel dat veel mensen hebben als ze in het Anne Frank-Huis lopen.

Ik heb dat dus op nog veel meer plekken in de stad. Ondanks dat ik zo gek ben op Amsterdam ben ik er natuurlijk ook vaak niet. Dat komt dan weer door mijn werk. Al die jaren reis ik al in bussen of auto’s heel Nederland in de rondte om in grote of kleinere steden te gaan spelen. Omdat ik zelf geen auto rij, daar ben ik écht ongeschikt voor en ik doe alle andere automobilisten en voetgangers er echt een groot plezier mee dat ik geen rijbewijs heb, bezit ik ook totáál geen gevoel voor de topografie van ons land.

Kijk, ik weet wel dat Maastricht beneden ligt en Groningen boven, maar van een heleboel steden weet ik absoluut niet of we nou naar Overijssel rijden of naar Brabant. Erg hè. En dom ook. Nou ja, het is zo. Ook wel weer eerlijk om dat toe te geven, nietwaar. En ik ben ook redelijk dol op verschillende steden waarin we altijd spelen.

Het genoemde Maastricht en Groningen meteen al, maar ook Leiden, Breda, Den Bosch, Leeuwarden, enfin noemt U maar. Het winkelcentrum bestaat natuurlijk overál uit een Blokker, de Etos en een Kruitvat, maar als een stad een lekkere eigen herkenbare kern heeft ben ik blij, dát maakt een stad tot een stad uiteindelijk. Ik ben sowieso een stadsmens.

Als ik drie dagen tussen alleen maar bomen zit word ik zenuwachtig. De meeste mensen worden daar natuurlijk juist rustig van, maar ik niet. Een strand vind ik ook wel leuk, maar niet langer dan een week. Gelukkig heeft mijn Martin dat ook, anders zou dat nou problemen hebben gegeven.

De eerste buitenlandse vakantie was dan ook naar Parijs. Met een paar meiden van school, toen ik 18 was. Het jaar erop naar Londen. Allebei steden waar ik ontelbare keren terug ben geweest. Ze hebben hun eigen sfeer en geschiedenis. Ik hou van beide steden erg veel.

Dag Monaco 01

Als kind had ik ook hele romantische ideeën over Monaco, het Vorstendom aan de Middellandse Zee. Dat komt eigenlijk door een LP van Joséphine Baker, het zal niét zoiets zijn.
Andere kleine jongetjes hielden zich bezig met Cruijff en Neeskens, maar ik dus met Joséphine. Die zong het lied ‘Monte Carlo, Monte Carlo, Monte Carlo’, en dat is dan weer een gedeelte van Monaco met de casino’s, het Internationale Circus Festival en de Grand Prix vinden daar plaats en daar staan de prachtige huizen van beroemde mensen als Shirley Bassey en Elton John.

Midden jaren ’80 heeft onze eigen Willeke Alberti heeft er ook een tijdje gewoond, maar dat was in de periode waarin dat ze net haar vader had verloren. Ze voelde zich er niet zo fijn. Ze woonde er natuurlijk omdat haar man Sören Lerby er voetbalde. Maar ook Sören was er niet op zijn plek, dus het echtpaar verhuisde naar België toen hij de groene mat op ging voor PSV. En wij hadden Willeke weer gelukkig terug!

Dag Monaco 02

Maar ik dwaal af: Terug naar mijn jeugd. Dat lied, gezongen door Joséphine Baker, sprak dus zeer tot mijn verbeelding. En toen op de televisie de Hitchcock-film ‘To catch a thief’ werd uitgezonden was ik helemaal voor Monaco verkocht. Die film speelde zich af aan de Franse Rivièra en sommige opnames werden gehouden in de buurt van Monaco. De hoofdrollen werden gespeeld door Cary Grant en Grace Kelly. Deze film is achteraf ook heel bepalend geweest voor Monaco, want Grace Kelly ontmoette in de opnametijd in 1955 Prins Rainier, een felbegeerde vrijgezel. Een jaar later trouwden ze en werd Grace Kelly Prinses Gracia van Monaco. In 1982 overleed ze na een auto-ongeluk.

Ondanks dat ik er in mijn jeugd dus al zo gek van was bezocht ik Monaco pas in 2015 voor de eerste keer. Dat is dus niet zo lang geleden. Martin en ik logeerden bij onze vrienden Jon van Eerd en Ton Fiere in hun huis in Frankrijk. En zij reden ons naar Monaco en lieten ons genieten van dit beroemde kleine staatje. Het voldeed hélemaal aan mijn verwachtingen: Die straatjes, die prachtige jachten in de haven, de sfeer, alles alles.

Dag monaco 03

Bij het paleis was er natuurlijk een erewacht. Mannen in smetteloze witte uniformen met kokette witte helmpjes op het hoofd. Bij de aflossing van de wacht verscheen er toen ineens een erewacht die zó uit een modeblad was komen lopen. En die liep dus maar heen en weer te paraderen met z’n ondeugende kontje met dat witte pak aan. Ik heb helemaal niks met uniformen, maar dit was toch een bijzonder prettig schouwspel. Natuurlijk brachten Jon en Ton ons ook naar Kathedraal van Monaco, waar Grace en Rainier in 1956 waren getrouwd. Heel erg mooi allemaal.

Dag Monaco 04

Toen we zo gezellig door die Kathedraal wandelden vroeg ik aan Jon waar Grace eigenlijk begraven lag, misschien op het kerkhof achter de Kathedraal ofzo. Jon moest vréselijk lachen omdat ik hem dat vroeg terwijl we zo’n beetje aan haar graf stónden. Zij ligt namelijk ín de Kathedraal begraven. Ja hoor, daar stond het: ‘GRATIA PATRICIA’. Ik schrok me rot. Zo’n gewijde plek en wij maar babbelen. Maar we waren uiteraard niet de enigen. Zo’n graf is natuurlijk ook een soort Efteling-attractie. Heel raar, maar dat is zo. Affijn, een groet aan Grace en hup, weer naar buiten. In 2019 bezochten we het prinselijk paleis van Monaco.

Er was daar een soort tentoonstelling over het leven van Grace. Normaal kom je daar natuurlijk helemaal niet binnen. Dus we passeerden de erewacht, die dag had mijn knappe filmster uit 2015 een dag vrij, en wandelden het paleis binnen. Nou, dát had ik natuurlijk ook nooit kunnen denken toen ik als klein jongetje wegdroomde bij de stem van Joséphine Baker, zingend over haar geliefde Monte Carlo. Het is een mooie plek, voor de zeer rijken van deze wereld. Alsof geldgebrek niet bestaat. En ook alweer zo’n plaats waar de voetstappen van heel veel mensen liggen, die zeer tot mijn verbeelding spreken.

Tot de volgende keer, dag Monaco!


Column Arie Cupé: TOT DE VOLGENDE KEER, DAG MONACO!

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. To find out more about the cookies we use and how to delete them, see our privacy policy.

  I accept cookies from this site.
EU Cookie Directive Module Information